Menu





































































Wij bestaan


Filmpje van de shoprider

buienradar.be

De buienradar van zottegem

MegaPromotie Top 100

GiGaList Toplijst
Stem Vlaanderens Beste
Stem op Mega Toplijst
johnytoplist www.ruginfo-en-pijn.be

Monneke’s Top 100
BelgischeTop100 www.ruginfo-en-pijn.be
Vlaamsetop100 www.ruginfo-en-pijn.be
Stem voor mij!


theBelgiumtop100 www.ruginfo-en-pijn.be
promootjewebsite www.ruginfo-en-pijn.be
Promo www.ruginfo-en-pijn.be

Stem voor mij
Stem WeBBouW
Stem voor mij!
Stem voor mij!
Stem op mij
Gratis Website Promotie

web analytics
Ruginfo en pijn bestaat van 10-4-2004 Proficiat u bent bezoeker nr

GA OVER DE TEKST OM TE LEZEN !!!!

.

.

.

Chirurgische wereldprimeur in Brugse AZ Sint-Jan

In het AZ Sint-Jan in Brugge hebben twee chirurgische teams op 2 januari voor een wereldprimeur gezorgd, toen ze een kwaadaardig slokdarmletsel bij een 72-jarige patiënte gelijktijdig via de buik en de borstkas verwijderden. Dat heeft het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV bekendgemaakt in een persbericht.
De twee teams stonden onder leiding van dokters Bruno Dillemans en Jan Lesaffer. Zij werkten voor de slokdarmoperatie samen met een gespecialiseerd team voor anesthesie.

Endoscopie
De ingreep is complex, delicaat en tijdrovend, en wordt doorgaans uitgevoerd via een grote open insnede, meldt het ziekenhuis. Meer en meer wordt daarbij ook endoscopie toegepast. Dat is een inwendig onderzoek door middel van een endoscoop, een instrument met een flexibele buis om in het lichaam te kunnen kijken.

Wereldprimeur
Tot op heden voerden de chirurgen beide fasen, via de buik en via de borstkas, steeds afzonderlijk uit. De twee teams in het AZ Sint-Jan zorgden echter voor een wereldprimeur door beide fasen van de endoscopische slokdarmverwijdering gelijktijdig uit te voeren. Daarbij werd de operatietijd gevoelig ingekort en konden de chirurgen sommige cruciale stappen van de ingreep veiliger en sneller uitvoeren.

Het ziekenhuis meldt nog dat de 72-jarige patiënte vlot van de gecombineerde ingreep herstelde.

Bijna helft euthanasieverzoeken in België ingewilligd

Sinds de invoering van de Belgische euthanasiewet in 2002 werd bijna de helft van de verzoeken tot euthanasie ingewilligd en uitgevoerd. Meer nog dan pijn vormt uitzichtloosheid en ondraaglijk lijden een doorslaggevende factor. Daarnaast spelen ook leeftijd, psychiatrische aandoeningen en kanker een grote rol in de beslissing van de behandelende arts. Dat blijkt uit een studie van onderzoekers Yanna Van Wesemael en professor Luc Deliens van de onderzoeksgroep Zorg rond het Levenseinde van de Vrije Universiteit Brussel en de Universiteit Gent, die binnenkort zal gepubliceerd worden in het vaktijdschrift Journal of Pain and Symptom Management.

Helft verzoeken wordt ingewilligd

In 2009 ontving een steekproef van Belgische huisartsen en artsen die door hun specialisatie mogelijk vaak in aanraking komen met terminale patiënten, een vragenlijst waarin hen werd verzocht hun laatste expliciete euthanasieverzoek te beschrijven. Uit hun antwoorden blijkt dat 39% van de respondenten al een verzoek had gekregen sinds de euthanasiewet in 2002. Bijna de helft van deze verzoeken werd ingewilligd en uitgevoerd, 5% werd geweigerd door de behandelende arts, 10% werd weer ingetrokken door de patiënt en in 23% van de gevallen stierf de patiënt voor de uitvoering. In 71% van alle verzoeken stond de behandelende arts positief tegenover het verzoek op het moment dat het gedaan werd. In 65% van alle verzoeken werd een onafhankelijke tweede arts geconsulteerd.

Palliatieve zorg leidt niet tot minder euthanasieverzoeken

Artsen met ervaring in palliatieve zorg – hetzij door training of door deel uit te maken van een palliatief team – ontvingen vaker een verzoek tot euthanasie dan artsen zonder ervaring hierin. Dit wijst erop dat palliatieve zorg niet noodzakelijk leidt tot een vermindering van euthanasieverzoeken. Ook artsen die aangeven niet gelovig te zijn, kregen iets vaker een verzoek dan artsen die aangeven gelovig te zijn.

Een euthanasieverzoek werd minder vaak ingewilligd bij patiënten met een psychiatrische aandoening of algemene achteruitgang en bij patiënten ouder dan 80 jaar. Dat laatste kan erop wijzen dat artsen kennelijk nog voorzichtiger omspringen met verzoeken van ouderen dan met die van jongere patiënten.

Bepalende factoren

Factoren die maken dat de behandelende arts initieel positief staat tegenover het verzoek zijn: ondraaglijk lijden als reden voor verzoek, kanker hebben, jonger zijn dan 80 jaar en geen depressie hebben. In dat geval zal de arts verder gaan met de procedure en ook de onafhankelijke tweede arts consulteren voor advies. Een positief advies van die tweede arts zal vervolgens de waarschijnlijkheid dat het verzoek wordt ingewilligd, nog meer vergroten

Info: www.ugent.be

Helft minder harttransplantaties door tekort aan donoren

Omdat er almaar minder verkeersdoden zijn, daalt ook het aantal donorharten.

Het aantal harttransplantaties is in ons land met de helft gedaald in twintig jaar tijd. De grootste reden daarvoor is niet dat er minder patiënten een nieuw hart nodig hebben. Integendeel zelfs. De oorzaak moeten we daarentegen zoeken bij het aantal donoren, dat fiks gedaald is.

Twintig jaar geleden waren er in ons land jaarlijks zo'n 130 harttransplantaties. Nu zijn dat er nog zeventig. 'Het zouden er veel meer kunnen zijn, maar we hebben gewoon te weinig beschikbare donorharten', zegt professor Yves Van Belleghem, hartchirurg aan het UZ Gent. 'En het klinkt vreemd, maar eigenlijk is dat te wijten aan een positieve evolutie. Het verkeer is veiliger geworden en we leven langer door betere behandelingen of medicatie. Het gevolg is dat er minder jonge mensen overlijden. Goed nieuws, maar niet voor de donorharten. Want net de jonge harten komen vooral in aanmerking voor transplantatie. Vanaf 35 à 40 jaar is dat veel minder het geval omdat we daar sneller afwijkingen of slijtage vaststellen. Zo is het aantal beschikbare harten in de loop der jaren dus gedaald door betere geneeskunde en minder verkeersongevallen.'

Lange wachtlijsten

Wat intussen wel steeg, is de vraag naar donororganen. 'Eigenlijk om dezelfde reden: de evolutie van de geneeskunde. Mensen hebben nu meer kans om een hartinfarct te overleven. Hierdoor stijgt ook de groep van patiënten die een harttransplantatie nodig hebben. Het kleine aanbod en de grote vraag zorgen ervoor dat de wachtlijsten veel langer geworden zijn. Terwijl je vroeger maar 110 dagen moest wachten, zijn dat er nu 230. Te lang voor sommigen die overlijden nog voor ze geholpen worden. Gelukkig kunnen we intussen met kunstharten al tijdelijke oplossingen bieden.'

Het probleem van lange wachtlijsten stelt zich overigens ook bij andere organen. Eén derde van de 1.300 patiënten die momenteel op een transplantatie wachten, zouden daardoor overlijden. Dat stelt de Franstalige vzw SDO, een vereniging die mensen sensibiliseert om donor te worden. In principe kan iedereen dat in ons land worden. 'Volgens de wet kan iedereen die dat wil tijdens zijn leven naar het gemeentehuis stappen om daar te laten weten of hij al dan niet donor wil zijn. Doe je dat niet, dan moet de familie beslissen eens je overleden bent. En dan wordt er natuurlijk vaak op basis van emoties gekozen en weigeren ze vaak om organen te doneren.'

CHRIS SNICK

Een nieuwe behandelingswijze houdt borstkanker niet alleen veel langer tegen dan de klassieke therapie, maar heeft ook minder nevenwerkingen. Vrouwen verliezen er hun haar niet door.

‘Een absolute doorbraak', zegt de Leuvense oncoloog Hans Wildiers. De borstkankerexpert van het Gasthuisbergziekenhuis steekt zijn enthousiasme over een nieuwe, revolutionaire behandelingswijze van borstkanker niet weg.
Vrouwen met een agressieve, uitgezaaide vorm van de ziekte leven beduidend langer als ze worden behandeld met een experimenteel ‘bewapend antilichaam' van het Zwitserse bedrijf Roche/Genentech. Dat hebben onderzoekers gisteren bekendgemaakt op een Europese kankerconferentie in Stockholm.
Tussentijdse resultaten van een studie onder 137 vrouwen naar de werking van het nieuwe middel, de zogenaamde T-DM1, leert dat vrouwen met een ongeneeslijke vorm van borstkanker gemiddeld vijf maanden langer respijt krijgen vooraleer hun ziekte verergert dan wanneer ze met de standaardtherapie worden behandeld. Hun tumor stopt ruim veertien maanden lang met groeien, of krimpt zelfs.

Weinig nevenwerkingen
De klassieke aanpak, de op zich al succesvolle chemotherapie met docetaxel samen met een behandeling met herceptine, geeft slechts negen maanden respijt, en beduidend meer nevenwerkingen.
T-DM1 is een revolutionair nieuw concept in de strijd tegen borstkanker. De sleutel van het succes is de combinatie van twee medicijnen. Enerzijds is er het doelzoekende potentieel van herceptine, dat cellen van de immuunafweer op tumorcellen afstuurt. Anderzijds is er het uiterst krachtige chemotherapiemiddel emtansine.
Apart is emtansine zo giftig dat geen mens de stof verdraagt als ze via een infuus wordt toegediend. Maar vastgehaakt aan herceptine reist ze door het hele lichaam zonder onderweg ook maar enige schade aan te richten. Pas als de stof door herceptine bij een borstkankercel is afgeleverd en naar binnen is gesluisd, geeft ze haar gif vrij. Bijgevolg gaat alleen de kankercel eraan dood, en niet de gezonde cellen die eveneens gevoelig zijn voor het gif (zoals haarwortelcellen of immuuncellen). Nevenwerkingen zijn daarmee een schijntje vergeleken bij de waslijst van klachten waarmee vrouwen op standaardtherapie te maken krijgen, zegt Wildiers. De oncoloog heeft het medicijn om die reden wel eens met kraantjeswater horen vergelijken.

‘Vrouwen worden er écht niet meer ziek van.'
Uit de in Stockholm voorgestelde studie bleek dat slechts vier procent van de met T-DM1 behandelde vrouwen last had van haaruitval, tegen bijna zeventig procent bij de klassieke therapie. Ook andere klassieke nevenverschijnselen als infecties, diarree, bloedarmoede en gezwollen ledematen kwamen nauwelijks nog voor.

Nieuwe hoop
Ongeveer een op de vijf borsttumoren is gevoelig voor behandeling met herceptine en dus met T-DM1. In Vlaanderen gaat het jaarlijks om 1.500 tot 2.000 nieuwe patiënten. Tumoren die gevoelig zijn voor herceptine zijn doorgaans lastiger te behandelen dan andere vormen van borstkanker, ‘maar met dit medicijn worden de vooruitzichten voor deze vrouwen weer een stuk beter', zegt Wildiers.
Op de markt is het nieuwe middel nog niet – daarvoor zijn eerst vervolgstudies nodig die de huidige resultaten bevestigen. Onder meer ziekenhuizen in Antwerpen en Leuven doen mee aan nieuwe experimentele studies met T-DM1, bij patiënten bij wie de klassieke behandeling onvoldoende heeft gewerkt en die instemmen met deelname. Als alles goed gaat, kunnen de medicijnen in 2012 of 2013 in de ziekenhuisapotheek liggen.

Iedere dag 700.000 pillen tegen depressie

Nooit zochten meer Belgen hun toevlucht tot antidepressiva.
Iedere dag slikken we met zijn allen meer dan 700.000 pillen tegen depressies.
Meer dan 1,1 miljoen landgenoten kocht in 2009 minstens een doosje.
Toch vragen experts zich steeds meer af of de juiste geneesmiddelen wel bij de juiste patiënt terechtkomen.

Europa verliest de strijd tegen de superbacterie

Mede doordat artsen diverse vormen van antibiotica zo nonchalant voorschrijven, zijn steeds meer bacteriën resistent geworden voor het wondermedicijn. En dus zijn deze bacteriën niet meer te bestrijden met de huidige middelen. Het is een kritieke situatie, zo benadrukt de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Superbacteriën zijn niet te bestrijden en kosten jaarlijks 25.000 Europese levens.Nieuw medicijn Jarenlang hebben we vertrouwd op de antibiotica: een wondermiddel dat nu hard op weg is om zinloos te worden. Het is tijd voor nieuwe medicijnen die de resistente bacteriën verrassen. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan: vind eerst maar eens een goedje waar de bacteriën wel op reageren. En daarna volgt nog een heel traject voor zo’n middel op de markt komt.

NDM-1
Maar de nood is hoog. De superbacteriën dringen de mensheid in een hoek. De WHO waarschuwt zelfs voor wereldwijde infecties die niet te bestrijden zijn. Een bekend voorbeeld is het enzym NDM-1 dat onlangs nog voor veel onrust zorgde. Dit enzym is resistent voor antibiotica en hecht zich aan gevaarlijke infecties die vervolgens ook resistent worden. zo verspreidt de resistentie zich razendsnel. Het enzym belandde in Europa doordat Europeanen deze tijdens cosmetische ingrepen in landen als Pakistan en India opliepen.

India NDM-1 is resistent voor één van de belangrijkste en krachtigste vormen van antibiotica. Uit onderzoeken in India – waar NDM-1 ontstond – blijkt dat het enzym ook in steeds meer drinkwater voorkomt. Inmiddels kunnen miljoenen mensen wel eens drager van het enzym zijn. Het enzym heeft zich ondertussen ook al gebonden aan bacteriën die cholera en dysenterie veroorzaken.

Actie
Volgens de WHO is het belangrijk dat landen wereldwijd de handen ineenslaan. Steeds meer mensen gaan op verre reizen en komen mogelijk in aanraking met dit soort stoffen. Daarom is het zaak dat landen niet op eigen houtje, maar samen op zoek gaan naar een oplossing.

Op dit moment is het belangrijk dat resistente bacteriën een halt worden toegeroepen. Ook de ontwikkeling van nieuwe medicatie staat hoog op de agenda. Want haast is geboden: wij moeten de superbacteriën verrassen in plaats van andersom.

Eerste prostaattumor bevroren onder MRI

Radiologen en urologen van het UMC St Radboud zijn er als eersten in Nederland in geslaagd om bij een patiënt met prostaatkanker de tumor lokaal te bevriezen onder geleide van een MRI. Die geeft zeer nauwkeurige beelden, waardoor de radioloog precies kan zien waar de tumor zich bevindt, om die vervolgens te bevriezen.
Bron : de Gelderlander

Dementie:

Vier werkzame alternatieven voor geneesmiddelen Bij de behandeling van mensen met dementie zijn geneesmiddelen niet echt van groot nut, maar zijn er alternatieve oplossingen?
Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) onderzocht dertig vormen van aanpak zonder geneesmiddelen.
Voor vier van hen vonden de onderzoekers voldoende betrouwbare studies die wijzen op werkzaamheid. Vooral het opleiden en psychosociaal ondersteunen van de mantelzorger blijkt doeltreffend te zijn.
Aangepaste opleidingen aan zorgverleners verminderen het gebruik van dwangmaatregelen in instellingen. Lichaamsbeweging en stimulering van de cognitieve functies hebben een positief effect op de demente persoon zelf. Voorwaarde is dat deze behandelingen aangepast zijn aan de demente persoon en zijn omgeving en dat ze regelmatig opgevolgd worden door professionele zorgverleners.
Voor de andere interventies waren er onvoldoende wetenschappelijke gegevens om conclusies te kunnen trekken
Bron : KCE

En maar betalen !!!!

Vandaag een mooie factuur had voor de vernieuwing van mijn batterij die vorig jaar in december gebeurt is.
Het is niet voor de operatie deze is al betaald is gewoon voor de nieuwe batterij die bij de apotheker van het ziekenhuis daar een dag geeft bewaard !
Daar voor moeten wij nu 148,74 euro betalen, waar we niets van terug trekken. De chronische pijnpatiënten die al niet veel ontvangen moeten maar zien dat we steeds kunnen betalen. Als je geen spaargeld hebt kom je niet toe per maand !!!!

Een deel van je erfenis schenken aan VFG?

Het duolegaat is een manier om een deel van je bezit aan een goed doel na te laten en tegelijkertijd ervoor te zorgen dat je erfgenamen geen successierechten moeten betalen.

Successierechten?
Op nalatenschappen moeten de erfgenamen successierechten betalen. Het tarief is afhankelijk van de waarde van de erfenis, de graad van verwantschap met de overledene en woonplaats van de overledene. Ouders, grootouders, kinderen, kleinkinderen, echtgenoten en samenwonende partners betalen van 3 tot 27 % van de erfenis. Andere familieleden en personen die geen familie zijn, betalen van 30 tot 65 % aan de overheid. Het tarief van de successierechten hangt af van het gewest waar de overledene woonde.

Wat is een duolegaat?
Bij een duolegaat laat je een deel van je erfenis na aan een goed doel en een deel aan je erfgenamen. Het goede doel zal de successierechten op de volledige nalatenschap ten laste nemen (zowel de eigen successierechten als die van de erfgenamen). Dit heeft als concreet gevolg dat je erfgenamen meer overhouden van de erfenis dan wanneer je niet voor het duolegaat had gekozen.

Is een duolegaat ook voordelig voor erfenissen aan dichte familieleden?
Ja, maar dit hangt af van de concrete familiale situatie. Daarom raden wij aan om, ook al is dit niet verplicht, een notaris te raadplegen voor het opstellen van je testament. Hoe groter de nalatenschap en hoe verder de verwantschap, hoe groter het voordeel.

Kan ik mijn vermogen onbeperkt wegschenken aan een goed doel?
Bepaalde erfgenamen (“de zogeheten reservataire erfgenamen”) hebben recht op een voorbehouden erfdeel (of reserve) in de nalatenschap. Een testament kan daar geen afbreuk aan doen.

Zo hebben je kinderen steeds recht op een deel van je nalatenschap. Eén kind heeft recht op de helft. Bij twee kinderen heeft elk kind recht op een derde. Heb je drie of meer kinderen dan kan je slechts over een vierde van je erfenis vrij beschikken.

Ook de echtgenoot is een beschermde persoon. Hij/zij heeft recht op het vruchtgebruik van de helft van de nalatenschap.

Als je geen kinderen hebt, hebben je ouders een voorbehouden deel. Maar echtgenoten kunnen hier wel onbeperkt schenken aan elkaar. Indien je geen wettelijke erfgenamen hebt en geen testament hebt opgemaakt, gaat je erfenis naar de overheid.

Meer info?
Voor meer informatie of indien u een duolegaat overweegt, aarzel niet contact met ons op te nemen via duolegaat@socmut.be. Wij verzekeren u dat uw vraag in alle discretie zal worden behandeld.

Een kwart van Belgen lijdt aan chronische pijn

Eén op de vijf Europeanen lijdt aan chronische pijn en in België ligt dat cijfer zelfs nog hoger: niet minder dan 2,9 miljoen Belgen of 27,2% zegt aan chronische pijn te lijden. 73% van hen ervaart zelfs pijn iedere dag. Dat blijkt uit een recente Europese studie rond chronische pijn die werd uitgevoerd met de steun van het farmaceutische bedrijf Pfizer.Rugproblemen (67%), gewrichtspijnen (59%), nekpijn (30%), fybromyalgie (21%) en artritis (23%) zijn de 5 belangrijkste oorzaken van pijn voor Belgische chronische pijnpatiënten. Bijna elk van die aandoeningen komt in België vaker voor dan in de rest van Europa. Bovendien zegt 55% van de Belgische chronische pijnpatiënten dat hun pijn niet op een adequate manier aangepakt wordt en ook hier scoort België slechter dan het Europese gemiddelde (38%).
Die situatie heeft een duidelijke impact op de werk- en leefomgeving van de patiënten: 68% voelt een enorme druk om snel weer aan de slag te gaan wanneer ze ziek thuis zitten, 28% heeft schrik dat ze hun job zullen kwijt raken en 21% zegt zelfs niet in staat te zijn te werken omwille van hun aandoening. Patiënten lijden ook onder het feit dat ze niet au sérieux genomen worden: 50% denkt dat de buitenwereld twijfelt aan de echtheid van de pijn, 26% is zelfs al beschuldigd van het valselijk gebruiken van pijn als argument om niet te hoeven werken. 39% zegt dat hun aandoening een negatieve invloed heeft op hun relatie met vrienden en familie en 31% zegt zich ronduit sociaal geïsoleerd te voelen.
Chronische pijnpatiënten in België zoeken hun heil voornamelijk in medicatie (73%), fysiotherapie (32%) en osteopathie (20%). Vooral bij de laatstgenoemde is België een absolute koploper: het Europese gemiddelde ligt hier slechts op 7%. Om hulp te zoeken, kloppen de Belgische patiënten hoofdzakelijk aan bij de huisarts (75%) of specialist (73%).

Forum voor chronische pijn: Ruginfo en pijn forum.
toegevoegd : 31/03/2011
Bron : Het Nieuwsblad

Medicijn tegen muco komt er nu echt aan !!

Ik heb een fles opengetrokken toen ik het hoorde', bekent Chris De Boeck, kliniekhoofd kinderpneumologie aan de UZLeuven. ‘Eindelijk goed nieuws voor mijn patiëntjes! Ik heb ze meteen gebeld om te vertellen dat het medicijn waarop ze al jaren zaten te hopen, er inderdaad lijkt te gaan komen.'
De Boecks patiënten lijden aan mucoviscidose (‘taaislijmziekte'), een ademhalings- en spijsverteringsstoornis. Meer dan twintig jaar nadat wetenschappers achterhaalden welke erfelijke genafwijking er aan de basis ligt van muco, lijkt een medicijn dat op hun vinding is gebaseerd, eindelijk op weg te zijn naar de apotheek. VX-770, een experimenteel geneesmiddel van het Amerikaanse bedrijf Vertex, slaagde met vlag en wimpel bij een proef met 161 mucopatiënten van twaalf jaar en ouder. Het medicijn zette de chloorkanaaltjes uit longcellen en darmcellen, die bij hen dicht zaten (zie kader), weer open, zodat het falende zouttransport weer op gang kwam.
Bij de patiënten die het experimentele middel toegediend kregen, verbeterde de zuurstofopname van hun longen met tien procent en zakte het aantal luchtweginfecties. Ze wonnen ook gewicht bij, wat wijst op een verbeterde darmwerking. ‘En bij de helft van hen normaliseerde het zoutgehalte van hun zweet', zegt De Boeck – zout zweet is typisch voor muco.
Het ging om een zogeheten fase-3-proef, de laatste horde die een kandidaatmedicijn moet nemen vooraleer zijn producent om markttoelating mag verzoeken. Vertex gaat daartoe nu zowel bij het Europese geneesmiddelenagentschap EMA als bij zijn Amerikaanse tegenhanger FDA een aanvraag indienen.
Als die toestemming er komt, zal er eindelijk een medicijn zijn dat muco bij de wortel aanpakt', zegt Chris De Boeck. ‘Dat is fantastisch nieuws.' Tot dusver beschikten artsen enkel over medicijnen die de symptomen van de ziekte bestrijden.
Ik heb altijd gezegd: ik ga pas met pensioen als er een oplossing is voor dit probleem', zegt De Boeck. ‘Ik was het zó zat om mijn patiëntjes altijd weer teleur te moeten stellen.' Toch zullen Belgische mucolijders die voor behandeling met VX-770 in aanmerking komen, het medicijn nog niet meteen kunnen krijgen. ‘Daar zal nog wel twee of drie jaar overheen gaan', schat De Boeck – en alleszins komt slechts een kleine minderheid van alle muco-patiënten in ons land voor VX-770 in aanmerking. Slechts zo'n vier op de honderd mucopatiënten hebben de genafwijking waar VX-770 op ingrijpt. ‘In België gaat het om een handvol personen', zegt De Boeck.
Maar als het goed is, helpt VX-770 straks ook andere patiënten vooruit. Vertex heeft immers nog een ander kandidaatmedicijn in de pijplijn zitten, VX-809, dat op een veel vaker voorkomende genafwijking mikt.
Tests met dit tweede medicijn zijn volop aan de gang', zegt De Boeck, ‘ook bij ons in Gasthuisberg doen patiënten eraan mee.' Het gaat alweer om een fase-3-studie, waarbij VX-809 met VX-770 wordt gecombineerd. De werking van VX-809 is erop gericht om het eiwit dat de basis van de chloorkanaaltjes vormt (het zogeheten CFTR) naar zijn juiste plaats in de celwand te geleiden. Het wordt in het onderzoek gecombineerd met VX-770, dat de chloorkanaaltjes openzet. De verwachting is dat dit de werking van VX-809 kan helpen verbeteren, ook bij patiënten die met VX-770 apart niet geholpen zijn.

De resultaten van deze studie worden later dit jaar verwacht.

Neuro-stimulator AZ Nikolaas zet rugpijn om in aangename tinteling

In het AZ Nikolaas-ziekenhuis is gisteren voor het eerst in ons land een neuro-stimulator van de nieuwste generatie ingeplant. 'De batterij werkt met sensortechnologie, zoals een iPod', zegt dokter Jean-Pierre Van Buyten, diensthoofd van het pijncentrum.Vele mensen sukkelen met pijn in de rug. Het Sint-Niklase ziekenhuis noteert per jaar zevenduizend tot achtduizend patiëntencontacten. Een neuro-stimulator werkt met elektrische pulsen. Het apparaat wordt operatief onderhuids bevestigd. 'Het is geen pijnpomp want die werkt met medicijnen', legt dokter Van Buyten uit. 'Per jaar hebben we 150 nieuwe patiënten voor een neuro-stimulator.'

Het systeem werkt vernuftig. 'We gebruiken een elektrode, die we verbinden met een batterij', zegt dokter Van Buyten. 'In feite is het een soort pacemaker die we aanbrengen op het ruggenmerg. Die ruggenmergstimulator wordt aan de achterkant van het lichaam aangebracht. De patiënt voelt aangename tintelingen waar hij normaal pijn zou voelen. De neuro-stimulator misleidt dus het zenuwcentrum. Belangrijk is te beseffen dat dit een behandeling is tegen zenuwpijnen en niet tegen gelijk welke pijn.'

De patiënt ondergaat eerst een testfase. De batterij kan worden geregeld met de computer buiten het lichaam. Pas daarna wordt de volgende stap in de behandeling gezet. 'Als de patiënt zich na de ingreep vijftig procent beter voelt dan voordien, starten we de tweede fase op', zegt Van Buyten. 'De batterij die de stroom levert voor de neuro-stimulator wordt in het lichaam ingeplant. De vroegere generatie batterijen verhoogde de stroom als de patiënt neer lag. Dat was soms te veel voor de patiënt. Met een afstandsbediening was dat manueel te regelen, maar nu leert de batterij zelf welke stroom in welke positie vereist is. Gevolg is dat de tintelingen die het aangename gevoel veroorzaken, veel constanter zijn en dat dankzij de sensortechnologie zoals een iPod die heeft.'

Opmerkelijk dat AZ Nikolaas het eerste ziekenhuis is om die technologie toe te passen. 'In ons pijncentrum worden veel dergelijke ingrepen verricht en we hebben een gezonde dosis ervaring', vertelt dokter Jean-Pierre Van Buyten. 'De pijn helemaal verdrijven, is niet mogelijk, maar we zijn tevreden als de vijftig procent wordt gehaald en overschreden. Vergeet niet dat de patiënt door die nieuwste generatie neuro-stimulatoren minder medicijnen moet slikken. De neuro-stimulator heeft bovendien geen neveneffecten.'

Armoedebeleid vergeet personen met een handicap

1 op 4 personen met een handicap is arm. Opvallend hierbij is dat wie een lichte handicap heeft meer kans heeft om arm te zijn dan wie een ernstige handicap heeft. Iemand met een lichte handicap heeft zelfs 1 kans op 2 om een inkomen te hebben dat lager is dan de armoedegrens.

Daarenboven is de kans dat personen met een handicap niet de nodige gezondheidszorgen krijgen driemaal groter dan voor wie geen handicap heeft.

Dit zijn enkele vaststellingen uit een onderzoek naar de inkomenssituatie van personen met een handicap van de Universiteit Antwerpen en de ebruikersorganisaties KVG (Katholieke Vereniging Gehandicapten) en VFG (Vereniging Personen met een Handicap). Zij voerden dit onderzoek omdat personen met een handicap in het armoedebeleid tot nu toe bijzonder weinig aandacht krijgen.

Dit onderzoek werd vandaag in het Provinciehuis van Antwerpen voorgesteld aan publiek, beleid en pers. Deze voorstelling gebeurde tegen de achtergrond van een symbolische 'muur van sociale uitsluiting', die op het einde gesloopt werd.

Beknibbelen op bril en lenzen

Bij dit onderzoek, onder leiding van medisch socioloog professor Guido Van Hal
Universiteit Antwerpen, departement geneeskunde) waren 2000 personen met een
handicap betrokken. Het toont onder meer aan dat 30% van de mensen met een
handicap besparen op naar de tandarts gaan, op een bril of lenzen, een huisartsbezoek of psychische hulp.

Personen met een handicap besparen ook op basisbehoeften. Meer dan 4 op de 10 bespaart op voeding, kleding, water/energie en zorgen voor zichzelf en het gezin. Ook aan woonbehoeften kunnen personen met een handicap niet altijd voldoen. Meer dan de helft van de deelnemers aan het onderzoek kunnen om financiële redenen geen herstellings- of verbeteringswerken uitvoeren aan hun woning, geen geschikte woning vinden of zelfstandig gaan wonen.

Personen met een handicap op de agenda

KVG en VFG bezorgen deze cijfers aan de Vlaamse en federale regering, met de oproep om concrete maatregelen te nemen om de inkomenssituatie van personen met een handicap te verbeteren. Meest dringend is het optrekken tot aan de armoedegrens van de uitkeringen voor personen met een handicap.

Nieuwe aanpak rugklachten

Nieuwe aanpak rugklachten kosteneffectief en leidt tot eerder herstel Een innovatieve begeleiding bij chronische lage rugklachten leidt tot eerdere werkhervatting en beter functioneren zowel thuis als op het werk. Zo zorgt deze begeleiding, ontwikkeld door VU medisch centrum, bij langdurig arbeidsongeschikten voor duurzaam herstel en kostenbesparing voor de maatschappij. Door deze begeleiding vindt werkhervatting namelijk gemiddeld vier maanden eerder plaats. Epidemioloog Ludeke Lambeek deed onderzoek naar deze behandeling en promoveert op 16 september op haar bevindingen bij VU medisch centrum.Rugklachten zijn een algemeen probleem in de Westerse samenleving. Deze klachten kunnen arbeidsongeschiktheid veroorzaken, met als gevolg hoge kosten voor de maatschappij. Ludeke Lambeek schat de kosten in Nederland op ongeveer 3.5 miljard per jaar. Zij deed onderzoek naar een innovatieve begeleiding voor langdurig arbeidsongeschikten met chronisch lage rugklachten gericht op duurzaam herstel in werk en privé. De begeleiding vond plaats in het ziekenhuis, in een gespecialiseerde fysiotherapiepraktijk en op de werkplek. De behandeling werd uitgevoerd door een team dat bestond uit een klinisch arbeidsgeneeskundige, medisch specialist, getrainde ergotherapeut en fysiotherapeut.

Ludeke vergeleek patiënten die de innovatieve begeleiding kregen met hen die de gebruikelijke zorg van de huisarts en/of bedrijfsarts ontvingen. Zij concludeert dat na een jaar de patiënten uit de innovatieve begeleidingsgroep gemiddeld vier maanden eerder volledig en duurzaam het werk hervatten. Tevens functioneren zij thuis ook beter vergeleken met de groep die het programma niet heeft gevolgd.

Zowel patiënten als hun zorgprofessionals en werkgever zijn erg tevreden met de innovatieve begeleiding. Ook blijkt uit Lambeeks onderzoek dat de methode kosteneffectief is. Als dit programma op grote schaal in Nederland wordt ingevoerd dan levert dit de maatschappij per saldo aanzienlijke besparingen op.
Bron : VUmc

Nieuw 'paardenmiddel' om artrose te bestrijden

Drie Limburgse bedrijven hebben een joint venture opgericht om een nieuw voedingssupplement te lanceren dat artrose moet tegengaan. Het middel werd aanvankelijk ontwikkeld voor paarden en nu omgevormd voor menselijke consumptie. Anti-Forte is een product dat door het bedrijf Global Medics uit Lummen werd ontwikkeld als anti-artrosemiddel voor paarden. Paardenchirurg Tom Mariën werkte de formule hiervoor uit. Door de goede resultaten bij de dieren werd, in samenspraak met specialisten en chirurgen, de receptuur aangepast voor humaan gebruik. Het voedingssupplement ondersteunt het kraakbeen en smeert tegelijk de gewrichten, aldus de producent. Voor de productie van het nieuwe paardenmiddel is Global Medics te rade gegaan bij het Hasseltse Aminolabs, waar al vele jaren voedingssupplementen voor de internationale markt worden samengesteld. De verdeling en commercialisering van het nieuwe product zal gebeuren door 2Pharma uit Heusden-Zolder. Deze 3 bedrijven hebben hiervoor nu dus een joint venture afgesloten. Anti-Forte zal te koop zijn in de apotheek.
(belga/adv)

Vergrijzend Vlaanderen doet sociale uitgaven oplopen

De veelbesproken transfers in de sociale zekerheid zijn veel complexer dan het simpele noord-zuidverhaal dat er vaak van gemaakt wordt. Dat blijkt uit een studie waarin het Antwerpse Centrum voor Sociaal Beleid (CSB) de sociale zekerheid tot op het gemeentelijke niveau in kaart brengt.

De financiering van het stelsel gebeurt volgens de studie vooral vanuit de centrale ‘ruit’ rond Antwerpen en Brussel. Het uitgavenpatroon verschilt van tak tot tak. Werklozen vind je nog altijd vooral in Wallonië en Brussel.

Maar de pensioenen leveren een ander beeld op. Vooral de kust en grote delen van Oost-Vlaanderen tellen veel gepensioneerden. De veroudering zal bovendien vooral de sociale uitgaven in Vlaanderen doen stijgen. Nu liggen de sociale uitgaven per hoofd in Wallonië 8 procent hoger dan in Vlaanderen. Tegen 2050 krimpt dat verschil tot 5 procent. Het ‘jonge’ Brussel kost nu al het minst aan de sociale zekerheid, en dat zal de komende decennia zo blijven.

Reumapatiënten slaan alarm

Reumapatiënten slaan alarm, omdat minister Klink van Volksgezondheid 50 miljoen euro wil bezuinigen op speciale reumamedicijnen. Daardoor kunnen straks 8.000 tot 10.000 reumapatiënten geen medicijnen meer krijgen. REUMAPATIëNTEN SLAAN ALARM
Hier gaat het om de zogenoemde TNF-Alfaremmers. Die kwamen ongeveer tien jaar geleden op de markt. Voordat dit medicijn bestond, kwamen veel reumapatiënten in een rolstoel. Dat is niet meer zo, zegt de Nederlandse Vereniging voor Reumatologie.

Leefbaar
Patiënten krijgen het dure medicijn niet zomaar. Pas als tenminste drie klassieke reumamedicijnen niet aanslaan, worden TNF-Alfaremmers voorgeschreven. Voor zo'n 55.000 mensen maakt dit medicijn hun leven weer leefbaar, zegt de vereniging. De gevolgen zijn dan ook groot als Klink gaat bezuinigen op het medicijn.

Goedkoper
Minister Klink bezuinigt op het medicijn omdat hij per 1 januari de inkoop en verspreiding via ziekenhuizen wil laten verlopen. Volgens hem kunnen ziekenhuizen samen goedkoper inkopen en dus een lagere prijs krijgen voor het medicijn. Dat scheelt zo’n 50 miljoen euro per jaar, denkt Klink.
Volgens de Nederlandse Vereniging van Reumatologie is daar niets van waar, want het is onzeker of ziekenhuis de medicijnen goedkoper kunnen krijgen.

Speeksel van een zeeslak: een alternatief voor morfine?.

retweetWetenschappers denken dat het speeksel van zeeslakken te verwerken is in medicijnen. De chemicaliën in het speeksel werken namelijk pijnstillend. Pijnstillers met deze chemicaliën werken net zo goed als morfine, maar zijn een stuk minder verslavend.
Op dit moment gebruiken onderzoekers speeksel van zeeslakken al als potentiële pijnstiller, alleen moet het direct ingespoten worden in het ruggenmerg van een mens om effect te hebben. Dit gebeurt met een speciale pomp: een apparaat wat niet door iedereen gebruikt kan worden.

Oraal actief
Wetenschappers van de universiteit van Australië probeerden de peptide oraal actief te maken, oftewel: zorgen dat de pijnstiller in pilvorm in te slikken is en zorgen dat het werkt.

Conotoxinen
Het speeksel van een slak bevat conotoxinen. Deze neurotoxinen zijn peptiden, die verschillende biologische functies hinderen. Slakken gebruiken de conotoxinen als wapen om een prooi tijdelijk te verdoven.

Grote lussen
Het is moeilijk om peptiden in een pilletje te stoppen, omdat ze erg onstabiel zijn en normaal niet oraal voorkomen. David J. Craik en zijn team slaagden erin om grotere peptiden aan elkaar te binden, waardoor lussen ontstonden. Hierdoor functioneerden de peptiden in pilvorm.
Craik en zijn team gebruikten zes aminozuren om de peptiden aan elkaar te binden, omdat aminozuren de functie van peptiden niet storen.

Of toch schorpioenengif?
Wetenschappers zijn niet alleen bezig met speeksel van slakken als alternatief voor morfine. Zij zien ook wat in het gebruik van schorpioenengif als toekomstige pijnstiller. Professor Michael Gurevitz van de Tel Aviv universiteit zegt dat de bestanddelen in het gif van een schorpioen miljoenen jaren zijn geëvolueerd en hierdoor zeer efficient zijn en weinig bijwerkingen hebben.
“Dit nieuwe type medicijn zou gebruikt kunnen worden tegen brandwonden, in het leger of na aardbevingen of natuurrampen”, legt Gurevitz uit. “Het medicijn is niet verslavend en werkt zonder bijwerken. Het laat geen sporen achter.”

Nieuwe terug betalingsmodaliteiten voor chronische wonden.

Een wonde behandelen is niet steeds een vanzelfsprekende therapeutische handeling.
Het gebruik van een verband is uiteraard een belangrijke stap in de wondbehandeling.
En het gebruik van het geschikte verband op het juiste moment is de sleutel tot succes.
Het opzet van deze site is u een interactieve beslissingsboom aan te bieden die u toelaat om, in functie van het type wonde, het meest geschikte Coloplast verband te kiezen.
Deze site is uitsluitend bestemd voor professionele zorgverleners.
Indien u geen professional bent in de gezondheidszorg, nodigen wij u uit onze website htto://www.coloplast.be te bezoeken.

Medische zorg voor veel Belgen te duur!!!!

Het aantal Belgen dat medische verzorging moet uitstellen omdat ze de kosten niet kunnen betalen, stijgt fors. In vergelijking met tien jaar geleden is hun aandeel met de helft toegenomen. Dat blijkt uit het vierde rapport van de Belgische gezondheidsenquête dat toegespitst is op Gezondheid en Samenleving dat De Standaard kon inkijken. De enquête werd in 2008 afgenomen bij 11.254 Belgen, pas nu zijn alle gegevens verwerkt. 14 procent van de huishoudens die eraan deelnamen, gaf aan dat ze de afgelopen twaalf maanden medische zorg, tandverzorging, (voorgeschreven) geneesmiddelen, een bril of mentale zorg nodig hadden, maar niet konden betalen. In 1997 lag dat percentage nog op 9 procent.

In Brussel kampt 26 procent van de gezinnen met het probleem. In Vlaanderen heeft maar 11 procent medische zorg moeten uitstellen. Vooral jonge gezinnen en gezinnen in minder gunstige sociale omstandigheden bevonden zich in die situatie.

Een nog grotere groep ondervindt moeilijkheden met te dure medische zorg. Meer dan één op de drie van de gezinnen – of 35 procent – zegt het moeilijk tot zeer moeilijk te hebben om de bijdragen voor gezondheidszorg in het huishoudbudget in te passen. Vooral ‘oudere' huishoudens zijn die mening toegedaan. ‘Het is van belang erop te wijzen dat de resultaten van 2008 een negatieve evolutie aanduiden', schrijven de onderzoekers. ‘Waar het percentage huishoudens dat de eigen bijdragen te hoog vindt, daalde tussen 1997 en 2004, stijgt dat percentage aanzienlijk voor 2008.' In 2004 lag dat percentage nog op 30 procent. Een stabiel cijfer sinds 2001.

Uit de enquête blijkt ook dat een Belgisch gezin gemiddeld 125 euro per maand spendeert aan gezondheidszorg. Dat cijfer houdt geen rekening met eventuele terugbetalingen. Gemiddeld besteden ze 7procent van hun inkomen aan gezondheidszorg. De onderzoekers zijn ongerust over de cijfers. Ze vrezen dat de Belgische gezondheidszorg die traditioneel voor iedereen even toegankelijk is, op het terrein toch mensen uitsluit. Vooral in tijden van crisis dringt een krachtig beleid zich op.

donderdag 15 juli 2010Auteur: Valerie Droeven Reageer

VFG-standpunt over de nieuwe stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid °april 2008

Sinds 1 maart 2010 is in Vlaanderen de nieuwe Stedenbouwkundige verordening betreffende toegankelijkheid van toepassing. Aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning moeten vanaf 1/3/2010 voldoen aan de criteria die deze verordening voorschrijft.
VFG is blij dat er na 35 jaar rond de pot draaien eindelijk een regelgeving bestaat die in principe afdwingbaar is. Wel hebben we nog vragen over deze afdwingbaarheid. Misschien ten onrechte, misschien ook niet. We willen dit als belangenbehartiger in elk geval van nabij opvolgen.
De regelgeving gaat bijna uitsluitend over planafleesbare zaken terwijl afwerking cruciaal is om toegankelijkheid te garanderen. Het handboek kan dit deels opvangen, maar dit laatste is niet afdwingbaar. We pleiten er dan ook voor om het handboek wel afdwingbaar te maken en ook hierop controle uit te oefenen.
Enkel wie gaat bouwen of verbouwen heeft een vergunning nodig. Wie dit niet doet, kan in principe eeuwig ontoegankelijk blijven. Om dit op te vangen verwachten we dat bepaalde categorieën gebouwen (voorbeeld: gemeentehuizen, scholen, theaters, …) verplicht worden om via een stappenplan hun toegankelijkheid te verbeteren.
Meer info?
Neem contact op met Yves Verschaeren via 02 515 02 58 of via ons contactformulier.

Attest gas en elektriciteit 2010!

Als gevolg van een elektronische gegevensuitwisseling tussen de sociale instellingen en de energieleveranciers geniet het grootste deel van de personen met een handicap vanaf dit jaar automatisch van het sociaal tarief.
Voor een aantal personen blijkt de elektronische uitwisseling van gegevens technisch onmogelijk. Deze personen zullen ten laatste op 31 mei een papieren attest ontvangen. De leveranciers zijn op de hoogte gebracht, alle betrokken personen zullen kunnen genieten van het sociaal tarief. De persoon met een handicap moet dit papieren attest zelf bezorgen aan zijn energieleverancier.
Welke tegemoetkomingen geven recht op het sociaal tarief?
Een tegemoetkoming voor gehandicapten op basis van een ongeschiktheid van minstens 65% (wet van 1969)
Een tegemoetkoming voor hulp van derden (betaald door de RVP)
Een inkomensvervangende tegemoetkoming
Een integratietegemoetkoming (alle categorieën)
Een tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden (alle categorieën)
De kinderen die getroffen zijn door een permanente ongeschiktheid (fysiek of mentaal) van minstens 66%.

Belg betaalt uit eigen zak 256 euro aan artsenerelonen

Een Vlaams huishouden besteedt gemiddeld het meest aan artsenerelonen,
maar opgesplitst per persoon staan de Brusselaars aan de top.

Opvallend is ook dat over een periode van acht jaar Belgen steeds meer geld besteden aan gezondheid, met de artsenerelonen als sterke groeier.

Het aandeel van de patiënt in de gezondheidszorg blijft dus stijgen....

WIP Muyters: op de kap van mensen met een handicap?

Vlaams minister van werkgelegenheid Phillipe Muyters kondigde vlak voor Kerstmis zijn nieuw Werkgelegenheids en Investeringsplan (kortweg WIP) aan. Een plan met mogelijk heel wat gevolgen voor werkzoekenden en werknemers met een handicap en hun werkgevers.

Mogelijk voert hij een drastische besparing door op de Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP), amper een jaar nadat die door de vorige regering werd ingevoerd.
Minister Muyters wil zonder enige vorm van overleg overgaan tot een lineaire besparing van 22% op alle VOP’s die langer dan één jaar worden uitgekeerd. Als argument haalt hij aan dat de maatregel teveel succes heeft geoogst waardoor de vooraf voorziene aangroei van het budget overschreden wordt.

Een redenering die te kort door de bocht gaat volgens ons:

Er is inderdaad in een aangroei van het VOP-budget voorzien. Wanneer we dat vergelijken met het groeipad dat door de vorige Vlaamse regering werd voorbehouden, is het zeer duidelijk dat er “op voorhand” op de VOP werd bespaard. Hetzelfde geldt trouwens voor de middelen die voorzien werden voor de 50+ premie (een tewerkstellingspremie voor oudere werknemers). Als we de budgetten voor beide maatregelen samen bekijken, dan wordt het duidelijk dat 20% van het oorspronkelijke budget voor 2010 op voorhand werd wegbespaard. Dit bedrag komt ongeveer overeen met het budget voor het nieuwe WIP. Toeval?
Bovendien werd in het kader van het Vlaams regeerakkoord algemeen afgesproken dat over alle beleidsdomeinen heen slechts 5% op werkingsmiddelen en 2,5 % op andere middelen zou worden bespaard. Met zijn voorstel van besparing op de VOP gaat minister Muyters veel verder.
In het al eerder aangehaalde regeerakkoord werd overigens expliciet opgenomen dat er niet zou worden bespaard op maatregelen voor personen met een handicap. Voor de opvang van mensen met een handicap worden er (overigens zeer terecht) bijkomende middelen voorzien

Lineaire besparing onaanvaardbaar!

VFG (en de Socialistische Mutualiteiten) vindt besparingen op vlak van werkgelegenheid in tijden van economische crisis geen goed idee. Integendeel, het stimuleren van werkgelegenheid en dus ook zorgen voor de nodige ondersteuning lijkt ons net een middel om deze crisis te bekampen. Anderzijds willen we zeker ook niet blind zijn voor de budgettaire situatie van vandaag. Bijsturingen die het geheel aan tewerkstellingsondersteuning nog efficiënter kunnen maken, zijn voor ons dus zeker bespreekbaar.

We zijn daarom vragende partij voor een overleg waarbij we als VFG samen met alle betrokken partijen mee kunnen nadenken over hoe dit moet en kan gebeuren. Het zomaar lineair snijden in een maatregel die uitsluitend werkzoekenden en werkenden met een handicap en hun werkgevers treft, zal voor ons echter steeds onaanvaardbaar zijn en blijven. Voorbarig?

Op 16 december onderschreef VFG alvast een alarmerend persbericht vanuit het Gebruikersoverleg Handicap & Arbeid, een platform van organisaties van personen met een handicap en chronische ziekte. Op dit bericht ontvingen we al heel wat lovende reacties vanuit diverse (politieke) hoeken. Het kabinet van minister Muyters reageerde echter minder lovend:
“Ons paniekerig persbericht zou te voorbarig zijn en de minister zou nog geen beslissing genomen hebben omtrent mogelijke besparingen”.

Mogelijk is onze reactie voorbarig, maar als we daarmee mogelijke besparingen hebben afgeremd, of wie weet zelfs afgewend, dan zetten we toch een uiterst zinvolle stap.
Wees gerust, we houden jullie via onze site en Dialoog op de hoogte van alle verdere ontwikkelingen! Laat hier alvast jouw bedenkingen achter.

Automatische toekenning sociaal gas-en elektriciteitstarief

Gasondernemingen en elektriciteitsbedrijven zijn verplicht om maximumprijzen te respecteren voor leveringen aan welbepaalde kwetsbare groepen, de zogenaamde “residentiële beschermde klanten met een laag inkomen of in een kwetsbare situatie”. Hierdoor krijgt de betreffende doelgroep aardgas en elektriciteit aan een lager tarief.
Wie in aanmerking denkt te komen, moest tot voor kort jaarlijks zelf een aanvraag indienen bij zijn gas-en elektriciteitsleverancier.
Sinds 1 juli 2009 is een systeem ingevoerd waardoor, dankzij een gegevensuitwisseling via de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid, de sociale maximumprijzen automatisch zullen worden toegekend.
Betrokkenen moeten dus voortaan zelf geen aanvraag meer indienen om hun recht op de sociale maximumprijzen te openen.

Gedragscode hospitalisatieverzekeringen

Sinds eind 2007 hebben verschillende private verzekeraars de premies van hun hospitalisatieverzekering fors verhoogd waardoor kwetsbare groepen als 65-plussers en mensen met een beperkt inkomen plotseling hun verzekering niet meer konden betalen.
Vanaf 1 juli 2009 is een gedragscode van kracht die werd afgesloten tussen de verzekeringssector en de Minister van Financiën. Samengevat komt de gedragscode neer op twee toezeggingen van de verzekeraars.
Enerzijds is er het engagement om in de toekomst een alternatieve verzekering aan te bieden aan personen voor wie de premie plots te hoog wordt zonder dat hieraan een nieuwe wachttijd of bijkomend medisch onderzoek wordt gekoppeld. Anderzijds gaan de verzekeraars het tijdelijk engagement aan om 65-plussers die tussen 1 januari 2008 en 1 juli 2009 hun hospitalisatieverzekering omwille van premiestijgingen beëindigden, alsnog een goedkope hospitalisatieverzekering aan te bieden en dit eveneens zonder dat zij hiervoor een nieuwe wachttijd moeten doorlopen of een medisch onderzoek moeten ondergaan.
De tweede toezegging is nog geldig tot eind september.
Het Vlaams Patiëntenplatform dat reeds lang ijvert voor een betaalbare toegang voor chronisch zieken tot de belangrijkste ziektekosten, overlijdens-en levensverzekeringen, zal de werking van de gedragscode nauwgezet opvolgen. De uitbreiding van de periode waarin 65-plusserseen alternatieve verzekering kunnen aanvragen, is hierbij meteen al

Huisartsen bereiden grootschalige griepepidemie voor


De huisartsen zijn begonnen met de voorbereidingen voor een grootschalige uitbraak van de Mexicaanse griep deze zomer. Samen met de gemeentebesturen bekijken ze of culturele centra kunnen worden gebruikt als polikliniek en er worden noodplannen opgesteld voor het geval de artsen zelf ziek beginnen worden."Als er deze zomer een grootschalige uitbraak komt, gaan de huisartsen op verregaande wijze moeten samenwerken met elkaar", zegt dokter Jos De Smedt van Domus Medica, dat de huisartsenkringen in Vlaanderen vertegenwoordigt.

Zorgmeldpunt
In elke gemeente wordt een zorgmeldpunt opgericht, dat zal fungeren als noodcentrale. "Het meldpunt beslist welke patiënten naar welke praktijk worden doorverwezen", aldus De Smedt. "Indien nodig zullen de praktijken worden gescheiden. Dan komen er artsen die enkel griepslachtoffers behandelen en artsen die de andere patiënten ontvangen."

Zelf ziek
Het is natuurlijk niet ondenkbaar dat ook de huisartsen zelf ziek zullen worden. "Daarom moeten er draaiboeken worden opgesteld", zegt De Smedt. "Alle artsen moeten invallen voor elkaar. Indien de bestaande praktijken niet meer groot genoeg blijken, zullen er poliklinieken worden ingericht in bijvoorbeeld parochiezalen en culturele centra. Die locaties worden nu al gecontroleerd op hun geschiktheid."
Ook wat betreft materiaal worden er al volop voorbereidingen getroffen. De artsen slaan massaal mondmaskers en ontsmettingsmiddelen in.

Tot 3,6 miljoen zieken
Volgens voorspellingen van het Interministerieel Commissariaat Influenza kan na de vakantiemaanden tot een derde van de Belgische bevolking (3,6 miljoen mensen) besmet raken met het A/H1N1-virus. "Als de uitbraak toch uitblijft, zal dit alleszins een erg goede oefening zijn gebleken", besluit De Smedt.

Minister van Volksgezondheid Laurette Onkelinx liet weten dat er nog wordt onderhandeld over de aankoop van vaccins. Die zouden ten vroegste eind september gratis ter beschikking kunnen worden gesteld.
Bron : De Morgen

Verhoging tegemoetkomingen

Met ingang van 1 juni 2009 veranderen enkele bedragen van de tegemoetkomingen aan personen met een handicap.
De basisbedragen van de inkomensvervangende tegemoetkoming zijn verhoogd met 2%. De nieuwe bedragen zijn:
Voor categorie A: € 5.809,21
Voor categorie B: € 8.713,82
Voor categorie C: € 11.618,53

De basisbedragen voor de vrijstelling op het inkomen voor de Tegemoetkoming voor Hulp aan Bejaarden zijn verhoogd met 4,5%.

De nieuwe bedragen zijn:
voor de categorieën A en B: € 11.534,15
voor de categorie C: € 14.412,90

Via ziekenfonds 100 euro goedkoper sporten

Ziekenfondsen kunnen zeer binnenkort het lidmaatschap van een sportclub 100 euro goedkoper maken voor kinderen van gezinnen met een laag inkomen. Een maatregel van de Vlaamse overheid die net voor de electorale eindstreep bekend wordt. toegevoegd : 4/06/2009 Bron : De Standaard

In MD News verscheen volgend artikel

Tot voor kort konden chirurgen enkel in de patiënt navigeren op basis van beelden die vóór de chirurgische interventie werden gemaakt: tweedimensionale fluoroscopiebeelden. Vandaag zijn artsen in staat op basis van real time CT beeldvorming te navigeren tijdens de operatie. Dit biedt hen de zekerheid dat de interventie precies zal verlopen zoals het met de patiënt op voorhand werd afgesproken. Het nieuwe onafhankelijke, volledig gerobotiseerde toestel met de typische Oarm, dat een dergelijke intraoperatieve driedimensionale beeldvorming mogelijk maakt, werd in april 2008 voor het eerst in de Benelux geïnstalleerd in het AZ Nikolaas, campus Sint-Niklaas. In november 2008 vond er het eerste Europese symposium plaats waaraan 70 Europese chirurgen hebben deelgenomen. We peilen naar de ervaringen van dr. Erik Van de Kelft, neurochirurg verbonden aan het AZ Nikolaas. Vóór de fusie met het AZ Waasland was dit regionaal ziekenhuis uit het Waasland bekend onder de naam AZ Maria Middelares. Het fusieziekenhuis telt ondertussen 850 bedden en heeft een dienst neurochirurgie met 3 neurochirurgen. Deze dienst heeft al jarenlang een specifieke expertise in de aanpak van trigeminus neuralgie (aangezichtspijn) en complexe rugchirurgie. Meer dan de helft van de circa 500 nieuwe jaarlijkse gevallen van trigeminus neuralgie worden in ons land opgevangen in het AZ Nikolaas. De verwijzingen voor de complexe rugchirurgie komen vanuit heel het land en vanuit Nederland.

Ontwikkeling in de Verenigde Staten
In de meeste ziekenhuizen waar men intraoperatieve CT beeldvorming gebruikt, doet men nog beroep op vaste CT-toestellen waarrond het operatiekwartier wordt gebouwd. De fluoroscopie (C-arm) wordt rond de patiënt gedraaid en kan slechts 1 beeld maken daar de radioactieve stralingsbron en de detector statisch ten opzichte van elkaar zijn gepositioneerd. Zowel voor de chirurg als voor de patiënt is deze setting niet echt gebruiksvriendelijk. Uiteindelijk gaat het volgens dr. Van der Kelft om veel schadelijke stralen voor de gebruiker en de patiënt, zonder optimale beeldvorming. Ook de intraoperatieve MRI-toestellen (NMR) vertonen enkele nadelen: de metalen implantaten zijn niet detecteerbaar en de randapparatuur moet metaalvrij zijn. Bovendien zijn deze toestellen enkel inzetbaar bij heel specifieke gevallen van hersenchirurgie (beperkte indicatiestelling). Anno 2007 wezen verschillende chirurgen in de VS erop dat de medische beeldvorming tijdens de operatie eigenlijk te wensen overlaat, zeker in vergelijking met de zeer performante preoperatieve beelden. Chirurgen waren met name op zoek naar een werkbare techniek waarbij ze intraoperatief zowel een beeld konden maken in het axiale, sagittale als coronale vlak. Zij vonden enkele jaren geleden gehoor bij een conglomeraat van investeerders, radiologen en ingenieurs.

Vervanging van de klassieke fluoroscopie
De voorganger van de recente O-arm, de techniek van de fluoroscopie met behulp van de C-boog, heeft als nadeel dat de chirurg enkel gegevens kan aflezen in 2 dimensies (face/profiel) intraoperatief. Daarnaast kon men de ingebrachte implantaten eigenlijk maar in één vlak bekijken. Volgens de medische vakliteratuur worden 4 à 20% van die hulpmiddelen suboptimaal tot slecht geplaatst, wat achteraf soms een tweede interventie noodzakelijk maakt. “Maar het kan niet de bedoeling zijn dat bv. een pedikelschroef het spinaal kanaal zodanig binnendringt dat de druk op de zenuwwortel verhoogt of dat er een neurologische uitval optreedt,” aldus dr. Van de Kelft. Terwijl de steriel afgedekte patiënt onder volledige narcose is, kan de chirurg in real time een hogedefinitiebeeld in drie dimensies maken. “Een tweede voordeel is dat we tijdens de operatie een CT-scan kunnen maken die onmiddellijk wordt gelinkt aan de navigatie. Bijvoorbeeld: als een stuk van de wervelkolom of een deel van de hersentumor wordt weggehaald, is de beeldvorming op dat moment volledig anders dan de toestand die in beeld werd gebracht vóór de operatie. Vroeger moest de chirurg navigeren op basis van beelden die vóór de chirurgische interventie werden gemaakt, dit behoort nu definitief tot het verleden. Als de chirurg oordeelt dat de preoperatieve beeldvorming en de navigatie die hieraan gelinkt is, niet langer overeenkomen met de realiteit, kan hij een intraoperatieve scan maken die de navigatie onmiddellijk bijstuurt naar de nieuwe situatie. Een derde voordeel van de O-arm is dat we op het einde van de operatie, voordat de wonde van de patiënt wordt dichtgemaakt, dankzij het nemen van een tweede CT-scan onmiddellijk kunnen nagaan of de ingreep technisch correct werd uitgevoerd,” stelt dr. Erik Van de Kelft. Een bijkomend voordeel situeert zich op het vlak van de veiligheid. De artsen kunnen het operatiekwartier verlaten tijdens het scannen. De verpleegkundigen kunnen immers de verrijdbare O-arm manipuleren met een afstandsbediening. De zorgenverstrekkers komen dus niet meer in contact met enige radioactiviteit. Tijdens de operatie bevinden er zich 5 zorgenverstrekkers in het operatiekwartier: de chirurg, de anesthesist, één scrub verpleegkundige en twee omloopverpleegkundigen die de O-arm vakkundig bedienen.

Meerdere beelden, grotere nauwkeurigheid
Door de juiste manipulatie van de bedieningsknoppen begeeft de O-arm zich autonoom naar de juiste plaats en focust zich op de te opereren regio. Eens het toestel op zijn plaats staat in het operatiekwartier, verandert de C-boog in een O-arm. In deze arm bevindt zich een stralingsbron die röntgenstralen afvuurt naar de patiënt en langs de andere kant worden opgevangen door een detector. In tegenstelling tot vroeger is de stralingsbron in staat 360° rond te draaien. In de C-boog zijn detector en stralingsbron statisch gepositioneerd ten opzichte van elkaar en kan slechts één beeld gemaakt worden. Met de O-arm kan de neurochirurg de scan na 13 seconden op het beeldscherm aflezen. “Dankzij het scanbeeld in 3 vlakken kan ik in de cervicale wervelkolom heel goed detecteren waar de osteofiet en de arteria vertebralis zich bevinden. Ik durf veel verder gaan en slaag er veel beter in de osteofiet te reseceren dan vroeger het geval was,” aldus dr. Van de Kelft. “Vroeger moesten we verschillende beelden maken en aan de computer wijsmaken waar bv. de wervelkolom zich situeerde zodat de computer de ‘match’ kon maken tussen de virtuele en de echte realiteit. Dit nieuwe toestel doet dit automatisch. Na de scan - die slechts 13 seconden duurt - zijn we klaar om te navigeren en rijdt het voorgeprogrammeerd toestel weg. Na de operatie komt het toestel op exact dezelfde plaats terug dankzij een ingebouwd geheugen, wat ons een aanzienlijke tijdswinst oplevert.”

Meerdere indicatiegebieden
Op dit ogenlijk zijn de voornaamste indicaties van de O-arm alle pathologieën die te maken hebben met het bot: cranioplastie (= herstellen van (traumatisch) misvormde schedels), pathologie van de hele wervelkolom, maar ook diepe hersenstimulatie (ziekte van Parkinson), waarbij de preoperatieve beeldvorming in overeenstemming wordt gebracht met de intraoperatieve aanwezigheid van de elektrodes. “Eens de elektrode op haar plaats zit, maakt men een scan tijdens de operatie, dat beeld wordt gefusioneerd met het beeld vóór de operatie” (= functionele beeldvorming; nagaan of de elektrode zich bevindt waar ze moet zitten vooraleer stimulatie van de hersenen). Naar alle verwachting zullen de indicatiegebieden in de nabije toekomst verder uitbreiden. Indien de resolutie van de beelden nog meer op punt staat, kan deze techniek eveneens gebruikt worden voor klassieke hersenchirurgie, waardoor de chirurg ook diepliggend aangetast hersenweefsel zal kunnen weghalen. Dit toestel is evenwel noch exclusief ontwikkeld voor het domein van de rugchirurgie, noch voor het domein van de neurochirurgie maar kan ook gebruikt worden door vaat-, algemene of abdominale en orthopedisch chirurgen. Mits het verder op punt stellen van de software zullen in de nabije toekomst ook nog andere chirurgen gebruik kunnen maken van de Oarm.

Besluit
De chirurgie heeft het laatste decennium een enorme vooruitgang meegemaakt in de perioperatieve beeldvorming. De ontwikkeling van de O-arm geeft een aanzet om dezelfde kwaliteit van beelden ook te kunnen bereiken tijdens de heelkundige interventie zelf. Driedimensionale beelden van hoge kwaliteit zijn het resultaat van deze evolutie, wat wellicht zal leiden tot een nieuw tijdperk in de neurochirurgie. Dr. Erik Van de Kelft besluit: “Tot voor kort waren wij vooral aangewezen op impressionante preoperatieve beeldvorming, maar zodra de intraoperatieve situatie niet meer voldeed aan de preoperatieve beeldvorming hadden we een probleem tijdens de operatie zelf. Met dit toestel hebben we een grote stap voorwaarts gezet op vlak van de intraoperatieve beeldvorming. In de nabije toekomst zal door upgrading van de software dezelfde kwaliteit van beeldvorming worden toebedeeld als de preoperatieve beeldvorming, zodat we perioperatief een perfect beeld kunnen hebben van wat we aan het doen zijn.”

Tandartsen willen thuis komen

Tandartsen willen bejaarden en gehandicapten thuis verzorgen. Vlaamse tandartsen willen aan huis en in verzorgingsinstellingen gaan werken. Het Verbond der Vlaamse Tandartsen onderzoekt in opdracht van het Riziv nieuwe manieren om mensen die weinig mobiel zijn in de tandartsstoel te krijgen. Daarbij gaat het vooral om bejaarden en mindervaliden, zo melden de Concentra-kranten dinsdag. Met een budget van 600.000 euro van het Riziv gaan de Vlaamse tandartsen, in samenwerking met de universiteiten van Gent en Leuven, de mogelijkheden onderzoeken. In oktober 2010 moeten er concrete voorstellen op tafel liggen. Begin 2011 moeten de tandartsen aan de slag gaan.

Volgens Stefaan Hanson, uitvoerend directeur van het Verbond der Vlaamse Tandartsen, 'is een mobiele eenheid een optie. Ook kan er in sommige grote instellingen een verzorgingsruimte ingericht worden, waar een tandarts kan werken. Voor de mensen die thuis verblijven, zou de tandarts deel kunnen uitmaken van het verzorgende team dat aan huis komt.'

Ballontechniek pakt ingedeukte wervels aan

Patiënten die kampen met gebroken of ingedeukte rugwervels kunnen voortaan in ons land officieel behandeld worden met een nieuwe techniek, de Kyphon ballon-kyphoplastie.Correctie Hierbij worden speciaal ontworpen ballonnetjes in de gebroken wervel geplaatst en zachtjes opgeblazen in een poging de vervormde wervel te corrigeren. Na het verwijderen van de ballonnetjes wordt de gecreëerde holte opgevuld met botcement om de wervel te stabiliseren.

Osteopororse De nieuwe techniek is bedoeld voor de behandeling van zogenaamde vertebrale compressiefracturen (VCF's). In het overgrote deel van de gevallen het gevolg van osteoporose, maar soms ook van bepaalde types kanker of van ongevallen.

De behandeling met twee kleine insnijdingen van minder dan één cm neemt ongeveer 45 tot 60 minuten in beslag per behandelde wervel. De nieuwe techniek is een doeltreffende behandeling voor VCF's die aanzienlijk de pijn vermindert en patiënten de mogelijkheid biedt opnieuw actief te zijn. Het risico op verwikkelingen wordt laag genoemd.


Translate in 28 languages

OVERZICHT OPNAMES OPERATIES

Dag kliniek opnames voor pompvulling enzv.... 178

Opname dagen ziekenhuis van operaties 93

Onder volledige narcose geweest 52

Discusdenervatie 16 maal uitgevoerd voor zenuwen te verbranden

Operatie's voor de rug en morfinepomp en stimulator 18

Totale uitgaven van af 1987: € 91.247 nog niet alles inbegrepen.

Wil je storten Belgie 001-1463825-74 alvast bedankt

Voor Buitenland Iban :BE16001146382574 Bic :GEBABEBB

MIJN VERHAAL IN KORT

Sinds ik ziek ben geworden ben ik een heel ander iemand geworden.
In begin dat we getrouwd waren ging ik met veel plezier gaan werken ik werkte van 5 u in de ochtend tot soms 20u00 tot 22u00 in de avond ik werkte heel graag.
Heb in resteratiewerken gezeten ik was schrijnwerker,ik heb daar leren metsen dakbelegger alles kon je daar leren als je maar leergierig was.
Alles ging goed in ons leven vrouwtje werkte in de confectie verdiende daar niet veel maar deed het graag.
In 1984 konden wij ons een huisje kopen van mensen die aan scheiden waren het was nog niet afgewerkt maar dat kon ik zelf.We hebben het huis gekocht ik heb alles in orde gebracht voegen deuren gangen plafons steken klinkers leggen zelfs chauffage in geplaatst.
De eerste 2 jaar ging alles goed we konden het afbetalen in die tijd was 13 procent voor een lening en wij hadden geluk met de grote van ons huis konden we een sociale lening krijgen aan 10 procent wat nu nog zeer duur is.
Na 2 jaar begon de meserie pijn in de rug en been,in begin vonden ze niets pas een goed jaar later zagen ze dat het een zware mediane hernia was die er dringend uit moest mijn zenuw was bijna door en zou ik lam zijn geweest.
Het was een zware domper in ons leven ik kon niet meer gaan werken werd van ziekenfonds er afgegooid en krijg 33 procent van de rva.
Ik kon niet veel doen wat in huishouden helpen, en het was nipt om af te betalen met die medicatie er bij en artsen.
In 1999 dan heb ik een zware klop had ik ga het hier niet allemaal uitleggen mijn verhaal staat er ook op maar nu was ons huis juist afbetaald een jaar kunnen sparen,en dan is het geld door vensters en ramen gevlogen onderzoeken,raadplegingen ,operaties, discusdenervaties,medicatie,ziekenhuisrekeningen,dagklinieken het was niet te doen.
En nu terug niet van in augustus we kunnen het niet meer bol werken eerlijk,mijn vrouwke is thuisgebleven om mij te helpen ik kan niet meer van onder de voeten heb haar steeds van doen voor minste wat ik moet doen.
Ik heb nu nog zeer hevige pijn ondanks morfinepomp neurostimelator ik lig nog te bed en neem nog medicatie bij hoor en

Eén patient met een osteoporotische wervelcompressiefractuur riskeert binnen het jaar een nieuwe VCF op te lopen. Veelvoudige fracturen vervormen de wervelkolom en kunnen leiden tot een kromme rug (kyphose), die niet alleen een esthetische handicap is, maar progressief ook leidt tot verminderde eetlust, dalende longcapaciteit en een verdere afname van de levenskwaliteit. Zelfs de dagdagelijkse activiteiten worden stilaan een lijdensweg. Daardoor worden de patiënten alsmaar meer afhankelijk van hulpverleners. Er is echter niet alleen het lichamelijk lijden. Door de pijn en de fysieke handicap gaat ook de deelname aan het sociale leven verminderen, wat vaak ontaardt in een verlaagd zelfrespect en zelfs in depressie. En dat bij een leeftijdsgroep, de 50-plussers, die vandaag de dag actiever leven dan ooit te voren.

Extra aandacht voor chronische pijn


4 op 10 Belgen lijden aan chronische pijn. Spijtig genoeg vinden velen van hen niet snel genoeg de specifieke hulp. Toch is het door de vergevorderde medische technologie mogelijk om chronische pijn te behandelen en patiënten een aangenamer leven te waarborgen. De International Association for the Study of Pain die in oktober de Internationale week tegen pijn organiseerde, moedigt patiënten met chronische pijn aan om de eerste cruciale stap te zetten naar hun arts of therapeut om zo hun pijnproblemen aan te pakken. De doelstellingen liggen niet zo zeer om de pijn totaal te onderdrukken, maar om een deskundige pijnbestrijding te bevorderen. Chronische pijnpatiënten krijgen naast hun pijn ook vaak te maken met sociale, economische en familiale problemen. Ze hebben het moeilijk om een normaal leven te leiden, vandaar hun neiging om zich te isoleren. Pijnbehandeling is dan ook een echte noodzaak. Het cruciale van een doeltreffende pijnbehandeling is echter communicatie. De patiënt moet gestimuleerd worden om zijn gevoelens te uiten, terwijl de arts moet leren om de pijn te (h)erkennen en erover moet durven praten met de patiënt. Indien je zelf last hebt van pijn, aarzel dan niet om eens langs te gaan bij je huisarts of specialist. Die zal je ook verdere informatie kunnen bezorgen over pijnbestrijding en patiëntengroepen.

Hoe reageert de patiënt met chronische pijn?


Enkele citaten zijn hier op zijn plaats:"Zijn woorden geschikt om te beschrijven hoe pijn echt voelt? Woorden komen pas als het voorbij is, ze verwijzen alleen naar een herinnering, waardoor ze ofwel machteloos zijn, ofwel onwaar." Julian Barnes "In the land of pain." "Het vertrouwen in de medische beheersbaarheid van pijn verdoezelt de noodzaak om het lijden aan onbehandelbare pijnen een vorm te geven, medelijden te voelen, en voor elkaar te zorgen."Roel Nahuis De strijd tegen de pijn." Hieruit blijkt de moeilijke situatie van de pijnpatiënt, zowel medisch als psychologisch. Het is duidelijk dat dit allerlei gevolgen heeft voor de patiënt zelf:- een depressieve stemming, en soms een echte depressie kunnen het gevolg zijn- agressie kan voorkomen, omwille van het feit dat men niet geholpen wordt- sociaal is pijn erg isolerend: omwille van onbegrip,verlies van vrienden en baan- 50% van de chronische pijnpatiënten kan niet meer werken, financieel is dit erg belastend, met daarbij het feit dat pijn vaak niet goedkoop is: medicamenteuze en multidisciplinaire aanpak betekenen een flink gat in het budget- dat alles heeft niet alleen invloed op de patiënt zelf, maar ook op zijn omgeving.

MIJN VERHAAL IN HULPORGANISATIES.BE ..."KLIK HIER"

Invloed op het gezin:


In een normaal gezin gelden volgende regels:- Ieder lid van een familie heeft hetzelfde recht erbij te horen.- Er is een hiërarchie waarin elk lid zijn of haar juiste plaats heeft.- Er dient een rechtvaardige balans te zijn van geven en nemen.- Er is een familiegeweten dat maakt dat onrecht wordt gecompenseerd. Vanuit de systeemtherapie kent men:- gezinskluwen: overinvestering van onderlinge relaties, weinig of geen grenzen tussen de generaties en tussen de verschillende rollen, men neemt beslissingen voor de anderen, de posities in de gedragingen zijn weinig gedifferentieerd, ze weigeren conflicten aan te gaan; als pijnpatiënt weet men niet wat doen.- overbescherming: neiging om elkaar te beschermen waarbij echter vaak de emotionele kant te weinig betrokken raakt.- rigiditeit: er zijn regels die niet overtreden mogen worden, alles ligt vast; bij veranderingen (overlijden, ziekte, verhuis) kan men symptomen zien ontstaan.- intern oplossen van conflicten: isoleren van het conflict binnen het gezin, en isoleren van het gezin van de buitenwereld.

Zenuwpijn of neuropathie

Een veelvoorkomend maar vaak ook miskend probleem is zenuwpijn of neuropathie. Die kan optreden na een operatie of een ongeval waarbij zenuwen beschadigd geraakt zijn. Aangezien onze hele huid en al onze organen dicht bezenuwd zijn, is het niet zo verwonderlijk dat zenuwen in een dergelijke situatie gemakkelijk geraakt worden. De zenuwen proberen zichzelf te herstellen, maar vaak lukt dit maar gedeeltelijk en blijft de patiënt met chronische pijn zitten. Ook voor deze pijn geldt: hoe vroeger behandeld, hoe meer kans op succes. Klassieke medicatie brengt meestal geen aarde aan de dijk. 'Vaak boeken we bij deze mensen betere resultaten met medicijnen die in principe niet als pijnstillers bedoeld zijn, maar die op het zenuwstelsel inspelen. Ik denk dan bijvoorbeeld aan antidepressiva of geneesmiddelen tegen epilepsie',

langdurig gebruik morfine vermijden

Deze geneesmiddelen zijn afgeleid van morfine. Morfine werd vroeger uit papaverbollen gemaakt (opium). Bekende middelen zijn codeïne, tramadol, morfine, methadon, fentanyl (de pleister). Codeïne en tramadol zijn zwakke opiaten. Dat wil zeggen dat het pijnstillend effect wat minder is dan van 'echte' morfine. Vooral van codeïne is het pijnstillend effect gering; het wordt eigenlijk vooral gebruikt als anti-hoest middel. Morfine en methadon zijn sterke opiaten. Het zijn zeer sterke pijnstillers. In tegenstelling tot de bovengenoemde NSAID's en paracetamol is er geen echte maximumdosis. In theorie kan men altijd meer pijnstilling verkrijgen door de dosis te verhogen. In de praktijk lukt dit natuurlijk niet altijd, omdat men last kan krijgen van de bijwerkingen. Er kunnen vele bijwerkingen optreden. De meest voorkomende is verstopping (obstipatie). De meeste artsen schrijven bij een opiaat dan ook meteen een laxeermiddel erbij voor. Een andere bijwerking die bijna altijd na enkele dagen over is, is misselijkheid. Sufheid komt voor, maar kan ook een teken zijn dat de dosering te hoog is. Enige uitleg over verslaving is hier op zijn plaats. Verslaving aan morfine komt voor, maar lang niet zo veel als men denkt. Het is niet zo dat men bij gebruik van morfine altijd verslaafd wordt. Bij het overgrote deel van de patiënten blijkt het altijd mogelijk de morfine weer af te bouwen. Wel is het zo dat er gewenning optreedt. Dit betekent dat men na een periode van morfine-gebruik, de tabletten niet zo maar mag stoppen. Om ontwennings-verschijnselen te voorkomen, moet men het langzaam afbouwen. Angst voor verslaving is dan ook niet terecht en mag nooit een reden zijn om géén of te weinig morfine te nemen. Tot nu toe is het gebruik van opiaten beperkt tot tijdens en na operaties en tot het behandelen van pijn bij kanker. De laatste jaren worden opiaten ook voorgeschreven aan patiënten met pijn die niet het gevolg is van kanker. Zo wordt morfine wel gegeven aan patiënten met reuma, artrose, of pijn na een beschadiging van het zenuwstelsel (bijv. een dwarslaesie).

Er bestaan vele verschillende preparaten. De meest gebruikte zijn morfine retard en de fentanyl-pleister. Morfine retard (Merknamen zijn Kapanol, MS Contin, Noceptin) is een zg. depot-preparaat. Dit betekent dat de tablet, na inname, het medicament langzaam afgeeft. Het grote voordeel is dat men maar twee keer per dag een pil hoeft te slikken. Nadeel is dat een verhoging van de dosis maar langzaam effect geeft. Bij zg. 'doorbraakpijn' moet men een sneller werkend middel nemen, bijv. Morfine-drank. De Fentanyl-pleister (Durogesic pleister) is een pleister die op de huid geplakt wordt. In de pleister zit fentanyl, een sterk opiaat. Deze stof gaat door de huid de bloedbaan in en geeft dan een sterk pijnstillende werking. Het effect merkt men na ongeveer 12 uur; het effect duurt ongeveer drie dagen. Om de twee-drie dagen moet men een nieuwe pleister opplakken. De Fentanyl-pleister is patiënt-vriendelijk, maar heeft ook als nadeel dat men bij snelle toename van pijnklachten een ander (sneller werkend) middel erbij moet nemen. Het is belangrijk om zich te realiseren dat de doseringen van morfine-tabletten niet overeenkomt met de dosering van fentanyl-pleisters.

Als de pijn niet meer overgaat

1 op 4 Belgen leeft met chronische pijn. Kan jij je voorstellen elke dag pijn te hebben? Maar liefst één op vier of zo'n 2,9 miljoen Belgen weten hoe dat voelt. Zij kregen de diagnose chronische pijn, een last voor hun lichaam én geest. Voel jij mijn pijn? Met die vraag starten Pfizer en diverse Europese (patiënten)verenigingen een petitiecampagne, om zo de aandacht op chronische pijn te vestigen. En dat blijkt nodig: want hoewel chronische pijn iets uitzonderlijks lijkt te zijn, wees recent onderzoek uit dat maar liefst één op de vijf Europeanen en zelfs één op de vier Belgen eraan lijdt; 73 procent van hen gaf zelfs aan elke dag pijn te ervaren, waardoor alledaagse activiteiten moeilijk en soms ook onmogelijk worden. Het zijn opvallend hoge cijfers, al moeten ze volgens professor Léon Plaghki, pijnspecialist in het universitair ziekenhuis Saint-Luc en verbonden aan de UCL in Louvain- La-Neuve genuanceerd worden. 'Het klopt dat zeer veel mensen met chronische pijn geconfronteerd worden, maar het aantal pijnpatiënten die zo'n erge pijn lijden dat hun dagelijkse leven erdoor overhoop gegooid wordt en ze bijvoorbeeld niet meer kunnen werken, ligt lager. Ik schat dat dat geldt voor zo'n één op de honderd Belgen, al blijft dat natuurlijk nog altijd veel.'

Veel onduidelijkheid De meest voorkomende chronische pijnen in ons land zijn rugproblemen, gewrichtspijnen, nekpijn, fibromyalgie en zenuwpijnen. Maar voor pijnpatiënten die diagnose kregen, ging er bij meer dan een kwart van hen vaak meer dan een jaar voorbij. Bizar? Niet volgens professor Plaghki: 'Over wat chronische pijn precies is, bestaat nog heel wat onduidelijkheid, omdat er in de meeste gevallen geen concrete oorzaak voor te vinden is. Chronische pijn kan ontstaan door bijvoorbeeld een reumatische aandoening, maar psychologische factoren, persoonlijke ervaringen en levensomstandigheden spelen evengoed een rol in het ontstaan van een pijn die niet meer overgaat. Er is met andere woorden niet één oorzaak die verantwoordelijk is voor de pijn die de patiënt voelt, en net dat maakt het moeilijk om chronische pijn vast te stellen en later ook te behandelen. Aangezien het niet gaat om één soort pijn met één duidelijke oorzaak, bestaat er ook niet één behandeling die je succesvol op elke patiënt kan toepassen. Er is geen algoritme dat je kan toepassen zoals bij een blindedarmontsteking. Doordat er verschillende factoren een rol spelen, kan je de pijn niet isoleren, en dat maakt dat elke chronische pijn een andere benadering vraagt.'

Neem pijn serieus
De onduidelijkheid rond chronische pijn uit zich ook in de verschillende definities die ervoor gehanteerd worden in de medische sector. De officiële definitie van IASP, the International Association for the Study of Pain, stelt dat chronische pijn een pijn is die langer duurt dan een normaal genezingsproces. Léon Plaghki: 'De meest gebruikte definitie is dan weer dat het een pijn is die langer dan zes maanden duurt, terwijl andere het over een termijn van drie maanden hebben. Ikzelf vind dat je chronische pijn moeilijk in de tijd kan definiëren. Ik beschouw het als een verandering in het pijnsysteem van een lichaam, waardoor dat systeem niet meer naar zijn normale toestand kan terugkeren.' Wie bijvoorbeeld zijn vinger verbrandt, zal pijn voelen, maar na verloop van tijd zal die vinger weer genezen en zal de pijn vanzelf verdwijnen. Maar in sommige gevallen slaagt het lichaam er niet in naar zijn normale toestand terug te keren en blijft de pijn, waardoor er dus sprake is van een chronische pijn. 'In principe kan elke pijn tot een slepende variant uitgroeien, maar wat ervoor zorgt dat de ene kwaal een chronische aandoening wordt en de andere niet, en hoe je dat kan voorkomen, is nog koffiedik kijken. Wel staat vast dat je elke pijn daarom maar beter van bij het begin serieus kan nemen', aldus professor Plaghki.

Niet te meten
Al wringt daar soms het schoentje. Hoewel de medische wereld meer en meer aandacht krijgt voor het fenomeen chronische pijn, gaf maar liefst 91 procent van de huisartsen in het onderzoek naar aanleiding van de nieuwe Europese bewustmakingscampagne aan meer scholing en richtlijnen nodig te hebben om patiënten met chronische pijn te kunnen helpen. Al is dat op zich ook weer niet zo vreemd, want pijn kan je namelijk moeilijk meten. Zo kan je een breuk vrij eenvoudig vaststellen, maar de hoeveelheid pijn die ze veroorzaakt niet. Een patiënt kan de pijn alleen maar met woorden benoemen, en woorden zijn niet altijd nauwkeurig. Ook pijn in een schaal van nul tot tien onderbrengen zal doorgaans weinig uitsluitsel aan een geneesheer bieden, aangezien pijn eigenlijk een perceptie is. Wat door de ene als heel pijnlijk ervaren wordt, zal voor de ander misschien als best verdraagbaar gevoeld worden.

Geen hoofd, geen pijn
Omdat pijn zo moeilijk meetbaar is en er vaak geen concrete oorzaak voor chronische pijn te vinden is, krijgen chronische pijnpatiënten vaak de indruk dat ze niet serieus genomen worden met hun klachten. Als patiënt stap je naar je dokter in de hoop zo snel mogelijk van je ongemak verlost te worden. Als je arts je dan niet lijkt te kunnen helpen, je geen medicatie kan geven die je weer herstelt, dan is dat frustrerend. Het niet zichtbaar zijn van chronische pijn zorgt er ook voor dat sommige patiënten botweg te horen krijgen dat ze zich hun aandoening inbeelden en dat de pijn tussen hun twee oren zit. Hoe bot ze ook klinkt, ergens klopt de uitdrukking 'het zit tussen je twee oren' wel, want zoals de Amerikanen het zeggen: no brain, no pain. Wie geen hoofd heeft, voelt geen pijn. Je hersenen spelen een cruciale rol in het ervaren van pijn, vandaar dat pijn zich inderdaad tussen je twee oren situeert. Maar dat mag zeker geen vrijgeleide zijn om de pijn van een patiënt niet au sérieux te nemen: iemand die pijn heeft niet helpen, is onmenselijk.

Geduld is belangrijk
Nog zo'n dooddoener waar veel pijnpatiënten mee geconfronteerd worden is de zin 'leer ermee leven'. Al gaat het in dit geval, misschien niet altijd even tactvol geformuleerd, vaak wel om goedbedoeld advies. Léon Plaghki: 'Ook in de pijnkliniek van Saint-Luc is 'leer ermee leven' het gangbare motto. Patiënten verwachten vaak dat we hen een medicijn geven dat hen meteen van de chronische pijn verlost, maar dat is met de huidige wetenschap zelden mogelijk. Daarom richten we ons in de pijnkliniek in eerste instantie ook op het anders leren omgaan met de pijn, zodat het leven voor de patiënt weer wat draaglijker wordt. Er wordt soms ook medicatie voorgeschreven, maar niet voor alle chronische pijnpatiënten is dat aangewezen. Het is soms zelfs beter de medicatie af te bouwen, want er zijn studies die uitwijzen dat pijnstillers in een aantal gevallen de pijn kunnen verhogen. Het belangrijkste in de behandeling van chronische pijn is op dit moment vooral aanvaarden dat je lichaam niet meer kan terugkeren naar een pijnloze toestand, al besef ik dat dat allesbehalve eenvoudig is wanneer je met chronische pijn geconfronteerd wordt. Het betekent ook niet dat je probleem eeuwig zal blijven bestaan, maar chronische pijn is zo complex dat het niet eenvoudig is een voor jouw pijn passende behandeling te vinden. Toch lukt het op termijn vaak om de pijn te verzachten en verdraagbaar te maken, zodat patiënten beter kunnen functioneren in het dagelijkse leven.'

Multidisciplinaire hulp
Hoewel er op dit moment nog weinig bekend is op vlak van chronische pijn, is professor en pijnspecialist Plaghki optimistisch: 'De medische wereld krijgt meer aandacht voor het probleem van chronische pijn. Er is een enorme ontwikkeling aan de gang, waardoor ik de toekomst vrij positief inzie.' Maar tot het zo ver is, raadt hij chronische pijnpatiënten aan hulp te zoeken bij zowel hun huisarts als een pijnkliniek. Een belangrijk advies, want voor veel pijnpatiënten is het vaak nog onduidelijk bij wie ze voor hulp terecht kunnen. Een samenwerking tussen de huisarts en een pijnkliniek lijkt me het meest efficiënt voor het behandelen van chronische pijn. Huisartsen kennen hun patiënt vaak al jaren, waardoor ze meestal goed op de hoogte zijn van de levens- en familiale omstandigheden van een patiënt, belangrijke informatie als het gaat over chronische pijn. Maar een huisarts zal zich vanuit zijn opleiding vooral op de biologische kant van het verhaal focussen en heeft praktisch gezien niet altijd veel tijd voor een patiënt. In een pijnkliniek hebben we meer mogelijkheden. Hier hebben we meer ruimte om een patiënt op te volgen en om zowel de biologische, psychologische als sociale oorzaken aan te pakken, in samenwerking met de huisarts. Dat kan door multidisciplinair te werken met kinesisten, psychologen, sociaal assistenten... Op die manier kunnen we vaak mooie resultaten behalen.

Omgaan met onbegrip in het algemeen

Als je langdurig ziek en/of een hele tijd werkonbekwaam bent door ziekte of een vorm van lichamelijke of psychische handicap, dan wordt je leven helemaal overhoop gehaald. Zowel op fysiek, psychisch als sociaal vlak vraagt het ziek zijn heel wat inspanning van jezelf en van je naaste omgeving.

Hopelijk kan je jezelf omringen met mensen die je situatie kunnen en willen begrijpen. Daar kan je de nodige steun en begrip uithalen.Veel mensen met een chronische ziekte of aandoening stoten echter regelmatig op een muur van onbegrip. Mensen geven je reacties rechtstreeks en onrechtstreeks, waar je steeds niet om gevraagd hebt en je zeker niet goed bij voelt.
Ze verwijten je dat je hun advies niet opvolgt
Ze maken zich zorgen omdat je teveel nadenkt
Zijn niet geïnteresseerd in je klaagzang
Ze veronderstellen dat het van voorbijgaande aard zal zijn
Ze stellen zich vragen bij jou goede momenten
Ze denken dat je profiteert
Ze komen op de proppen met zogezegd goede raad

Zulke reacties ondermijnen je proces om je leven terug in handen te nemen. Al moet dit proces vertrekken vanuit jezelf, toch heeft de omgeving mee invloed op je welzijn. Rond deze punten is de vzw-whiplash opgericht om naar mensen hun verhaal te luisteren en hen in contact te brengen met lotgenoten.

Elke vorm van onbegrip kan elke stap vooruit weer ombuigen in twee stappen achteruit.
Waarom haken vrienden af als ze vernemen dat je langdurig ziek bent
Waarom durf je na een tijd je verhaal niet meer doen
Waarom hebben ze het zo moeilijk eens te luisteren naar een minder prettig verhaal
Je hebt het moeilijk om te zeggen dat je een psychiater raadpleegt (bang voor kritiek)
We stellen dat omgaan met onbegrip niet zomaar is op te lossen met een aantal huis-, keuken- en tuintips. Belangrijker is zicht te krijgen op wat er nu allemaal gebeurt in de omgang met elkaar. Als je deze wetmatigheden begrijpt, kan je de reacties van de mensen beter plaatsen. Je hoeft dus niet langer slachtoffer te zijn van onbegrip.

Terug naar boven

alle foto texsten verslagen zijn eigendom van RUGINFO-EN-PIJN® er mag zonder toestemming geen foto`s gebruikt worden voor andere site`s.
je mag de texsten, verslagen, foto, van mijn site mogen niet op internet worden gebruikt of in boeken zonder mijn naam vermeld !)
Anders worden stappen ondernomen en komt dit voor in de rechtbankt te oudenaarde.Wij bestaan al van 2004.